Staatsbosbeheer bestaat dit jaar 120 jaar. De bos- en natuurbeheerorganisatie werd 21 juli 1899 opgericht, om, volgens Wikipedia, het bosaanbod te vergroten voor productiedoeleinden (bosbouw) en om zandverstuiving tegen te gaan. Waar zijn de tijden gebleven? Momenteel doet Staatsbosbeheer het tegenovergestelde van waarvoor ze is opgericht. Tot 1998 viel de organisatie onder het Ministerie van LNV, daarna werd het een ‘rechtspersoon met wettelijke taak (RWT)’ die verantwoordelijk is voor de eigen bedrijfsvoering. Dat verklaart ten dele waarom de productiedoeleinden zo ijverig te gelde worden gemaakt. Het bos lijdt daaronder. Uiteraard is de problematiek rond bos aanzienlijk gecompliceerder.

Stikstof
De grond op de Sallandse Heuvelrug is verzuurd. Voor een groot deel komt dat door stikstofdepositie. De Volkskrant becijferde in een artikel over de veestapel (10 september 2019) dat de veeteelt voor een half procent bijdraagt aan het bruto binnenlands product, maar wel verantwoordelijk is voor een derde van de stikstofuitstoot. Binnen de agrarische sector is veeteelt goed voor driekwart van alle stikstofproductie. De uitspraak van de Raad van State over de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) heeft voor de boeren grote gevolgen. D66 pleit nu ook nog voor het halveren van de veestapel. Is dat een goed idee?

Integrale aanpak
De landbouw is gebaseerd op een merkwaardig stelsel van het voorzien in een primaire behoefte, van hard werken, van subsidies en van een overdaad aan regels uit Den Haag. Tegelijkertijd hebben boeren te maken met productiemiddelen die onlosmakelijk zijn verbonden met stikstof en koolstofdioxide. Het valt ook niet mee om hun werk goed te doen. Is het terecht dat de landbouw als grote boosdoener wordt gezien? Ook het verkeer (inclusief de luchtvaart) en de industrie zijn verantwoordelijk voor stikstofdepositie in natuurgebieden. Stel nu dat D66 had voorgesteld om het verkeer of de industrie te halveren: daar hadden ze de handen niet voor op elkaar gekregen. Het is vrij makkelijk om te wijzen naar één specifieke groep. Wanneer dat gebeurt, is het logisch dat die groep zijn hakken in het zand zet en dat belangenbehartigers nog sterker in politiek Den Haag aandringen op het overeind houden van de sector. Behalve voedsel hebben we ook huizen nodig. Er komt stikstof vrij bij het bouwen van huizen. We willen ons ook verplaatsen. Zonder vrachtwagens worden winkels niet bevoorraad. Dat de uitstoot van stikstof moet worden teruggedrongen, staat als een paal boven water. Maar in plaats van te wijzen naar de landbouw, zouden politici eens kunnen streven naar een meer integrale aanpak.

Samenwerken
Nederland is niet erg groot. De beperkte ruimte moet worden ingezet voor allerhande doeleinden. Ons land kent diverse ministeries. Dat van Landbouw ijvert voor de belangen van de landbouw. Het Ministerie van Economische Zaken steunt het bedrijfsleven en de industrie. Afijn, ga zo maar door. Vanuit elke sector hebben lobbyisten grote invloed op het beleid. Is er iets van samenhang tussen het beleid van al die departementen? Werken ze samen om de bevolking van ons land zo goed mogelijk te dienen? Het zou toch mooi zijn als al die ambtenaren die met hun eigen dingetje bezig zijn, eens verder keken dan hun eigen sector. Dat ze gaan samenwerken in plaats van elkaar te beconcurreren om ruimte en financiële middelen. Dat ze niet meer vanuit partijpolitieke belangen gaan redeneren, met angst voor de volgende verkiezingen, maar hun krachten bundelen om tot iets moois te komen. Dan moet het toch lukken om voor boeren een ander verdienmodel te creëren zónder subsidies, met minder stikstofuitstoot, met oog voor de natuur (biodiversiteit, weidevogels, akkerranden, schoon water, integratie met bos, noem maar op), waarbij ze qua inkomen op zijn minst op hetzelfde niveau blijven? Dan moet de techniek ons toch in staat stellen om het verkeer veiliger en klimaatvriendelijker te krijgen? Dan kan het toch niet anders dan dat we goed geïsoleerde huizen voor iedereen kunnen bouwen, zonder uitstoot van stikstof? Het zou best kunnen dat we anders moeten gaan leven, dat we niet iedere twee jaar een nieuwe mobiel aanschaffen, niet iedere dag vlees eten, wat meer gaan fietsen als dat kan. Uiteindelijk hebben we met z’n allen maar één belang en dat is onze aarde leefbaar houden voor onszelf en voor toekomstige generaties. Het bos heeft daarin een heel belangrijke rol (zie bijvoorbeeld de VPRO Tegenlichtdocumentaire ‘In de ban van het Bos‘). Laten we koesteren wat we nog aan bos hebben en laten we proberen om nieuw bos te incorporeren in die grote integrale aanpak. Op de Sallandse Heuvelrug hebben we een schitterend nationaal park met nog wat resterende bossen. Die zijn voor het behoud van ons leefklimaat het behoeden meer dan waard!!